NTR

De NTR zendt een nieuwe reeks uit van Benali Boekt. Vanaf zondag 3 maart onderzoekt Abdelkader Benali in zes afleveringen de blijvende invloed van zes klassiekers. Boeken uit zeer uiteenlopende periodes van de Nederlandse literatuur. De geselecteerde boeken blijken in deze vierde serie verrassend actueel; variërend van de impasse in het onderwijs in Bint van F. Bordewijk tot de psychische problemen van jongeren binnen de jeugdzorg in Jan Rap en z’n maat van Yvonne Keuls. Hoe kwamen die boeken tot stand, hoe werden ze ontvangen, wat wilde de schrijver ermee bereiken en waar sluiten deze boeken aan bij de actualiteit? In Benali Boekt gaat Abdelkader in gesprek met de auteurs en op zoek naar antwoorden op deze prangende vragen.

 

Zondag 3 maart, Renate Dorrestein - Een hart van steen

In 1997 werd Hoofddorp opgeschrikt door een gezinsdrama. Een vader en moeder brachten hun drie kinderen om het leven. Deze gebeurtenis vormde de basis voor het boek Een hart van steen van Renate Dorrestein dat in 1998 verscheen. Waarom zijn de thema’s in boeken van Dorrestein altijd zo zwaar en vaak ook gruwelijk? Voor het antwoord gaat Abdelkader Benali naar het ouderlijk huis van Renate Dorrestein. Hij spreekt met haar zus Hilde over de drama’s, die zich in het gezin van de schrijfster hebben afgespeeld. Het verklaart veel over de drijfveren van Dorrestein. Een hart van steen werd een groot internationaal succes.

 

Zondag 10 maart,  Oek de Jong - Opwaaiende zomerjurken

Oek de Jong was nog maar 27 jaar toen zijn klassieker Opwaaiende Zomerjurken verscheen. Hij was hooglijk verbaasd door het succes. Waarom sloeg de blik in de binnenwereld van Edo Mesch zo aan bij een groot publiek? Zijn het de vele tegenstrijdigheden? Edo zoekt liefde, maar loopt er voor weg als die te dichtbij komt. Is het dat ‘onbeschrijflijk licht en ruim gevoel’, dat hij krijgt als hij achterop de fiets bij zijn moeder zit, als hij luistert naar het suizen van de wind en geniet van het fladderen van de jurken. Hij wil voelen, maar beschouwt de gebeurtenissen louter verstandelijk. Van Oek de Jong verscheen vorig jaar het magnum opus Pier en oceaan.

 

Zondag 17 maart,  Yvonne Keuls – Jan Rap en z’n maat

Jan Rap en z'n maat is een verslag van de ervaringen die Yvonne Keuls opdeed in een opvangcentrum voor jongeren. Een hard en realistisch relaas van menselijke mislukkingen, falende instanties en blunderende teamleden. Het boek verscheen in 1977. Ruim 35 jaar later blijkt het boek bijna niets aan actualiteitswaarde verloren te hebben. Jongeren met drank, drugs en psychische problemen zijn van alle tijden. Mensen die ze willen helpen ook. Yvonne Keuls neemt Abdelkader Benali mee naar het opvanghuis van toen.

 

Zondag 24 maart, Ferdinand Bordewijk – Bint

Deze novelle over een directeur van een middelbare school die zijn leerlingen onderwerpt aan ijzige tucht riep in 1934 direct zeer heftige reacties op. Auteur A.M. de Jong vond dat boek en schrijver vernietigd dienden te worden omdat het een nationaal socialistische maatschappij zou verheerlijken. Toch is de roman sinds 1946 nooit uit druk geweest. Benali spreekt met biografe Elly Kamp, minister Bussemaker en Bint-liefhebbers als Tom Egbers en Maarten ’t Hart over het controversiële boek. Voor het eerst op de Nederlandse televisie ook een gefilmd interview met het echtpaar Bordewijk.

 

Zondag, 31 maart, Harry Mulisch - De zaak 40/61

In  1961 deed Harry Mulisch voor weekblad Elsevier verslag van het Eichmann-proces. Het leidde een jaar later tot zijn boek De Zaak 40/61. Op de cover staat als ondertitel: een reportage. Maar was het dat ook? Mulisch ontvouwt de theorie dat iedereen zich net zo kan ontwikkelen als de oorlogsmisdadiger Eichmann. Heeft hij gelijk? En waarom deed Mulisch dat? Was hij voor even journalist of is ook De zaak 40/61 literaire fictie? Waren er persoonlijke motieven? Abdelkader Benali bezoekt in Jeruzalem Gabriel Bach, een van de twee aanklagers bij het proces.

 

Zondag 7 april, Gerbrand Bakker - Boven is het stil

Dit boek heeft een beroemde openingszin: “Ik heb vader naar boven gedaan.” Volgens schrijver Gerbrand Bakker gaat het over ‘een vader, een zoon en iets heel ergs’. Hij schreef zijn onlangs verfilmde roman Boven is het stil (eind april in de bioscoop) uit woede en frustratie. Zijn schrijverschap was niet van de grond gekomen en hij had in 2002 besloten hovenier te worden.  Twee vrienden richtten speciaal voor hem een literair agentschap op en slaagden er toch in het boek uitgegeven te krijgen. En zo werd plotseling de parallel zichtbaar tussen boek en schrijver, want Boven is het stil is vooral een poging om eenzaamheid te doorgronden.